De zomervakantie, een oase voor de curator

Terwijl vele collega’s al vanuit hun vakantieoorden twitteren hoe fijn het daar is, zit ik momenteel nog volop tussen de dozen op kantoor. Ik houd meestal in de zomervakantie de achterwacht. Dat heeft als eerste voordeel dat veel andere curatoren er niet zijn en de kans op een nieuw faillissement toch aanwezig is.

Het werk van de curator is namelijk nog niet voorbij na de adrenaline gevulde eerste weken. In die weken werken we een strak draaiboek af. Inventariseren, verkopen, ontruimen. De telefoon staat roodgloeiend en eigenlijk kom je nergens aan toe behalve brandjes blussen, telefoontjes beantwoorden en mails versturen. Vervolgens komt een faillissement na een week of zes tot rust en kunnen de overige onderwerpen aan bod komen. In theorie dan, want als er weer een nieuw faillissement binnenkomt, begint het circus opnieuw. “De zomervakantie, een oase voor de curator” verder lezen

De curator en de rechter-commissaris

De curator staat onder toezicht van de rechter-commissaris. De taak van de rechter-commissaris is toezicht houden ‘op het beheer en de vereffening van de failliete boedel’. Volgens de wetsgeschiedenis uit 1893 kan de rechter-commissaris de curator ten dienste staan met raadgevingen, opmerkingen, berispingen en in het uiterste geval het voordracht tot ontslag van de curator. Dit laatste wordt gezien als de ultieme vorm van billenkoek voor de curator. “De curator en de rechter-commissaris” verder lezen

Bestuursverbod, papieren tijger?

Eerder heb ik het gehad over de curator als crimefighter en de plannen van de minister van veiligheid en justitie om de curator in te zetten als strafrechtelijke fraudebestrijder. Vorig jaar is ook een ander wetsvoorstel ingediend bij de tweede kamer waarbij de curator een centrale rol zou moeten spelen, namelijk het zogeheten civielrechtelijk bestuursverbod. Op vordering van de curator kan door de rechter een bestuursverbod aan bepaalde bestuurders worden opgelegd. “Bestuursverbod, papieren tijger?” verder lezen

Pauliana, een meisje met een duister hart

Wie stelt zich niet een leuk meisje voor, al dan niet op blote voeten en met wapperende haren, als we het over Pauliana hebben? Pauliana is echter een meisje met een duister hart…

De actio pauliana dateert al uit de Romeinse tijd, maar het begrip is veelal onbekend buiten juridische kringen. Als een bestuurder het woord al kent (en goed uitspreekt!), dan gaan er bij wijze van spreken al bij de curator alarmbelletjes rinkelen. “Pauliana, een meisje met een duister hart” verder lezen

De tanden van de curator

Als curator heb ik een bonte gereedschapskist aan bevoegdheden geërfd van de wetgever uit 1893. De faillissementswet uit dat jaar blijkt erg duurzaam, ook als je niet meer met paard en wagen naar de rechtbank moet. Sommige instrumenten werken echter beter dan anderen. Over vooralsnog tandeloze strafrechtelijke sancties heb ik het eerder gehad. De wetgever heeft echter gelukkig ook in de faillissementswet enige dwangmiddelen ingebouwd. “De tanden van de curator” verder lezen

De curator verkoopt…

Faillissementen worden uitgesproken op een dinsdag. In de middag heerst er altijd een lichte spanning in de lucht op kantoor. Het zoemt rond: zou er vandaag één vallen? Meestal tussen twee en drie uur springt er iemand achter zijn bureau op. In de mailbox een benoeming tot curator. Meer dan een naam, adres en -met geluk werkend- telefoonnummer heb je op dat moment niet, maar binnen een paar minuten weet heel kantoor het.  Collega’s komen meteen om de hoek kijken: “Wat is het?”, “Zit er wat in?” “De curator verkoopt…” verder lezen

Gratis curator?

De curator werkt op no cure no pay basis. Zit er niets in de boedel, dan krijg ik ook niet betaald. Ik sta weliswaar als eerste in de rij bij de afwikkeling, maar als er niets te verdelen valt, heb ik pech. Van oudsher is de redenering dat de curator het goede met het slechte moet nemen. Bij ‘vette’ faillissementen horen nu eenmaal ook soms lege boedels. Maar toch gaat de schoen ook ergens wringen wanneer er lege boedel op lege boedel jouw kant op komt. Persoonlijk vind ik het een sport om ook de ogenschijnlijk lege boedels uit te knijpen tot ‘iets’, maar het lukt niet altijd. “Gratis curator?” verder lezen

De schuwe curator

Curatoren zijn over het algemeen niet happig op het geven van te veel informatie aan derden. Het faillissement is het eindstation van de meeste ondernemingen en mensen fixeren zich vervolgens op de curator. Dat het faillissement niet aan de curator ligt daargelaten, na het faillissement is de curator de pispaal. De curator is een graaier, een aasgier, die voor eigen gewin de laatste centen er uit wringt (“mijn centen!”). “De schuwe curator” verder lezen

De curator als crimefighter

Het CBS onderzocht enige jaren geleden in hoeveel procent van faillissementen fraude voor komt. Dat was in een schrikbarend 30 % van de gevallen. Het onderzoek betrof bovendien alleen door curatoren geconstateerde (vermoedens van) fraude. Vermoedelijk zijn er ook gevallen waarin fraude niet is opgemerkt, waardoor het percentage nog verder stijgt. “De curator als crimefighter” verder lezen