De curator en de coronacrisis

Het zal niemand zijn ontgaan dat we sinds half maart in lockdown zitten. Er zou nu volgens diverse media zelfs een ‘tsunami’ aan faillissementen verwacht worden. Een tsunami klinkt ook lekker dramatisch, alsof we ons het drama van de coronacrisis nog niet bewust zijn. En we hebben een nieuw type faillissement er bij: het ‘coronafaillissement’.

Maar die tsunami aan coronafaillissementen is er nog niet. Er is per eind mei zeker een toename van het aantal faillissementen waar te nemen, maar vooralsnog houden veel ondernemers en crediteuren hun kruit droog. Om door deze crisis heen te komen, lijkt het wel of er een zekere acceptatie is dat iedereen tijdelijk een beetje pijn moet lijden. Liever iets minder huur dan geen huur; uitstel van betaling, nou vooruit. Dat was anders in 2009 toen de faillissementen ons meteen om de oren begonnen te vliegen.

Wellicht dat het komt doordat het virus als een relatief kortdurende ongemak wordt beschouwd en niet de ‘schuld’ is van de ondernemer. Dat zou wel eens misplaatst optimisme kunnen zijn. Als ondernemer is echter een zeker optimisme ook wel nodig om er überhaupt aan te willen beginnen. De berichten zijn op dit moment ook niet bijster positief. Er beginnen langzaam ook echt klappen te vallen, zeker in de hoek van de horeca, retail en hun toeleveranciers.

Ik ben het overigens niet eens met partijen die roepen dat ondernemingen die nu omvallen het over zichzelf afgeroepen hebben door te weinig vlees op het bot te hebben. Zo lang geleden was de vorige crisis niet en de oorzaken van faillissementen zijn meestal (veel) complexer dan dat.

De overheidsmaatregelen als de TOGS en de NOW 1.0 (ambtenaren hebben talent voor lekker bekkende afkortingen) hebben gezorgd voor een kort respijt voor ondernemingen door de vaste lasten en loonkosten voor een deel te compenseren. De extra financiële druk van vakantiegeld in mei en extra loonbelasting in juni zal echter alsnog een aantal ondernemers te veel kunnen worden, NOW 2.0 en TVL (nieuw!) ten spijt.

En we moeten niet vergeten dat de NOW ook alleen een voorschot is. Ondernemers die eerder 100 % of een hoge omzetderving hebben opgegeven, niet wetende wanneer ze weer open zouden kunnen, krijgen in het najaar een rekening gepresenteerd. Uitstel van belasting is ook alleen uitstel. Juist die rekeningen zouden wel eens in faillissementsland de tweede golf kunnen betekenen.

Langzaam ontwaken curatoren uit hun winterslaap van de jaren van economische voorspoed en beginnen weer op te schalen. Maar nu staan wij voor nieuwe uitdagingen. Hoe behandel je eigenlijk op een verantwoorde manier een coronafaillissement?

Zijn curatoren bijvoorbeeld een vitaal beroep? (En, zo ja, mogen wij alsjeblieft een eigen zwaailicht voor op de auto? “Daar gaat weer een coronacurator”). Curatoren worden geacht door te werken en de aard van ons werk betekent dat wij niet via Zoom een faillissement kunnen afhandelen. Wij moeten regelmatig op locatie zijn, ondernemers en personeel spreken, geïnteresseerde kopers spreken en rondleiden, leveranciers spullen terug geven, noem het maar op.

Nu kan ik deze risico’s zelf bewust wel of niet nemen (euh, nee geen drie man tegelijk op bezoek), maar ik doe niet alles zelf. Kan ik als werkgever wel verantwoorden dat ik een medewerker stuur, die na een kopje koffie en praatje pot bij de failliet op de IC kan belanden? Ik vind dat moeilijk en heb daar geen pasklaar antwoord op. Mondkapjes verplichten kan, maar geven volgens de adviezen alleen schijnveiligheid.

Ook zonder mondkapje is mijn eerste ervaring dat gesprekken in de coronatijd wat onnatuurlijk zijn. Als curator wil je graag een ferme handdruk geven en letten op de signalen die een bestuurder af geeft. Overmatig zenuwachtig of koelbloedig? Het eerste is normaal overigens.

Zwaaien naar het nog aanwezige personeel (dat niet altijd op anderhalve meter zit van elkaar of mij) geeft ook niet echt het signaal dat de curator vanaf nu bepaalt wat er gebeurt. De eerste vraag is nu: Hoe groot is jullie vergaderruimte? De tweede vraag is intern: Neem ik nog wel koffie aan? Antwoord tot nu toe: ja. Voor vertrek naar een failliet bedrijf het toilet bezoeken is ook wat belangrijker geworden.

Logistiek zijn er ook nieuwe problemen. Hoe krijg ik zaken van A naar B, zoals een (nog steeds) papieren administratie, die bij iemand thuis staat, of overal en nergens opgeslagen goederen? Als de goederen voldoende waarde hebben, dan zullen commerciële marktpartijen best willen inspringen, maar voor een paar gereedschappen in een oude loods rijdt niemand in deze tijden om.

Tot grote opluchting werkt de insolventie afdeling van de rechtbank in Rotterdam wel relatief normaal. Doordat faillissementen als een van de weinige processen bij de rechtspraak zijn gedigitaliseerd, kunnen curatoren en rechters-commissaris relatief ongehinderd op korte termijn doorwerken.

Maar de verwachting is dat er toch bij de rechtbanken achterstanden zullen ontstaan bij de afhandeling van faillissementen. Niet-essentiële zittingen zijn langere tijd uitgesteld. Ik kan mij voorstellen dat de rechtbank de beperkte ruimte in de anderhalvemeterzittingszalen (Scrabble heb ik hierbij gewonnen) eerder besteedt aan strafzaken en familiezaken dan aan een faillissementsverhoor of verificatievergadering. Juist omdat het aantal faillissementen hiervoor op een heel laag niveau zat, zijn de formaties van de faillissementsafdelingen van de rechtbanken uitgedund. Daardoor kan het straks voor de rechtbank heel druk gaan worden.

Maar dat merk ik als curator met een team van maximaal zes mensen ook. Als er meerdere mensen langere tijd thuis moeten werken of zelfs uitvallen, dan hebben wij echt moeite om alles in goede banen te leiden. Ik kan geen blik extra mensen open trekken. Er was voor de coronacrisis al een tekort aan goede medewerkers.

Maar, aangezien faillissementen in de kern vrijwel altijd crisismanagement zijn, komen we er nu ook wel uit. Het zijn gewoon faillissementen en corona kan er (helaas) ook wel bij. Ik ben echter benieuwd hoe de curatoren, als we weer ooit bij elkaar mogen komen, ieder voor zich deze crisis zullen hebben beleefd.

En ondernemers, sterkte in deze moeilijke periode.

De AVG, wat moet de curator er mee?

Je zult onder een steen geleefd moeten hebben als je de afgelopen maanden niets hebt gehoord over de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG), de nieuwe Europese privacy wetgeving die vanaf 25 mei van kracht is geworden. Waren het niet de e-mails van partijen die er een slaatje uit probeerden te slaan, dan waren het wel de vernieuwde privacyverklaringen van partijen waar ik werkelijk al jaren niets meer van heb gehoord.

Het uur U is inmiddels aangebroken. De AVG is van kracht en (helaas of niet) ook van toepassing op curatoren. De curator heeft er met het uitspreken van het faillissement een mooie titel bij: “Verwerkingsverantwoordelijke”.  Lees “De AVG, wat moet de curator er mee?” verder

De failliet, de curator en de vijf rouwstadia

Faillissementen van natuurlijke personen, oftewel mensen, zijn een beetje het ondergeschoven kindje van de faillissementswereld. Bij invoering van de wettelijke schuldsanering (WSNP) in 1998 was de utopische gedachte dat mensen in principe niet meer failliet zouden gaan maar voor de WSNP zouden kiezen. De tendens van de afgelopen jaren is echter dat de toelating tot WSNP steeds strenger wordt getoetst. Je komt er niet ‘zomaar’ meer in. Lees “De failliet, de curator en de vijf rouwstadia” verder

Van jackpot tot faillissement

Pokemon Go, een fenomeen anno 2016. Maar inmiddels lijkt de hype alweer redelijk voorbij, behalve gek genoeg bij oudere mensen. Niemand weet beter dan de spelletjes industrie dat je om te overleven al je volgende hit klaar moet hebben voor de vorige hype voorbij is.

Sommige faillissementen worden eenvoudigweg veroorzaakt door uitputting. Niet alleen van de ondernemer, maar ook van het product. Je kunt het ene moment goud in handen hebben en het volgende moment ontwikkelt een Apple een i en is je product zo dood als een pier (sorry Nokia). Juist bij bedrijven met innovatieve producten ligt gevaar op de loer. Je concurrenten zijn net zo hard op zoek naar het nieuwe ei van Columbus en passeren je al snel met verbeteringen van je eigen ideeën. Lees “Van jackpot tot faillissement” verder

I heard it through the grapevine

Het lijkt een inkopper, maar zonder informatie kan een curator een faillissement niet afwikkelen. De failliet is daarom wettelijk verplicht om informatie aan de curator te verschaffen. Artikel 105 van de Faillissementswet bepaalt van oudsher dat de failliet ‘zo dikwijls dient te verschijnen‘ om informatie te verschaffen als de curator en rechter-commissaris nodig achten. Dit geldt niet alleen voor privé personen, maar ook voor bestuurders van rechtspersonen. Lees “I heard it through the grapevine” verder

Fraude, een grens overschreden?

Fraude is eigenlijk een fascinerend fenomeen, of dat nu in faillissement gebeurt of daarbuiten. De allerbeste fraudeurs kennen we immers niet. Die zijn in staat geweest om ‘the perfect crime‘ te plegen, hebben net onder de radar geopereerd, bedienden zich van de juiste stromannen (sukkels) of hebben chantabele slachtoffers gevonden. Lees “Fraude, een grens overschreden?” verder

De curator en de echtgenoot: geen gelukkig huwelijk

Het is een hardnekkige misvatting dat het faillissement van een privépersoon automatisch ook het faillissement van zijn of haar echtgenoot met zich meebrengt of dat alleen huwelijksvoorwaarden een faillissement kan voorkomen. Iedere curator heeft de standaardbrief al klaar liggen: “Niet mevrouw Y, maar de heer X is failliet.” Het woord misvatting verklapt het al: het is niet zo. Je moet toch echt zelf failliet verklaard worden door de rechter.

Maar om nu te zeggen dat de echtgenoot geen last heeft van het faillissement is ook weer overdreven. Nog daargelaten dat menig huwelijk strandt op financiële sores – “Ik hou toch minder van je zonder Audi en villa aan de Costa del Sol” – kan de echtgenoot vaak niet om de curator van zijn of haar liefste heen. Dit geldt overigens zowel bij huwelijken als bij geregistreerde partnerschappen, die voor de wet gelijk staan. Lees “De curator en de echtgenoot: geen gelukkig huwelijk” verder

Waar zijn de curatoren op hakken?

De naam curator op hakken zou anders doen vermoeden, maar eigenlijk sta ik er helemaal niet zo bij stil dat ik een vrouw ben die een typisch ‘mannenberoep’  bedrijft. Het was pas toen iemand op mijn vorig kantoor de kolder in zijn kop kreeg en vond dat we allemaal ineens aan ‘personal branding’ moesten doen, dat ik bedacht dat op 85 curatoren in het arrondissement maar 5 vrouwen toch wel onderscheidend was. En zo is het idee voor curator op hakken geboren, al duurde het een aantal jaar voordat ik de moed verzamelde om een blog op poten te zetten, dit keer niet ter meerdere glorie van een baas.

Lees “Waar zijn de curatoren op hakken?” verder

The one that got away…

Veel curatoren hebben een ‘guilty pleasure‘. Wij procederen bij de rechtbank in eigen naam en dus hopen we stiekem tot onze hoogste rechter, de Hoge Raad, door te procederen, liefst eindigend in een klinkende overwinning tegen een bank of andere grote partij. Een echte David en Goliath situatie waarbij je je bij de collega’s onsterfelijk maakt. Iedere student moet vervolgens ook ‘jouw’ arrest leren. Klassiekers als De Ranitz/ Ontvanger of Huijzer/ Rabobank. Lees “The one that got away…” verder